Skip to content

From zero to 21K hero

Lopen was nooit iets voor mij. Ik had nooit echt een bepaald talent of aanleg voor een sport tout court. Drie jaar geleden organiseerde mijn broer een loopevent voor het goede doel, wat de motivatie bleek om eindelijk eens werk te maken van dat lopen, na wat halfbakken pogingen. De zes kilometer voelde aan als een overwinning, dus toen die andere broer zich inschreef voor de Urban Trail in Antwerpen, was ik zo zot om toe te happen voor een afstand van 12 kilometer.

19534709_1616044295074705_5409273307994259456_nDat het lukte, was een stevige boost voor mijn zelfvertrouwen. De Spartacus Run, Color Run… ik had gaandeweg zowaar plezier gevonden in het lopen, ondanks een gebrek aan regelmaat in mijn trainingen en dus ook mijn conditie. Maar veel vooruitgang boekte ik niet, integendeel. Ik liep ze haast altijd alleen, die wedstrijden, maar het gaf een beter gevoel dan aan de zijlijn te staan kijken. In de periodes dat ik regelmatig liep, voelde ik mijn conditie niet verbeteren, en in de periodes dat ik stillag voelde ik het wel drie keer zo snel achteruitgaan. Kutzooi dus.

Toen mijn twee broers besloten om samen hun eerste marathon te lopen, en dan nog in Amsterdam, had ik het gevoel dat de geschiedenis zich leek te herhalen. Het was nu of nooit. Een volledige marathon zou onverantwoord zijn, zelfs mijn broers zijn al wat gewend en moesten nog een stevige training doormaken.

19624646_836038146552956_4139872848665640960_nNa een conditietest bij Energy Lab trok ik begin juli vol goede moed mijn loopschoenen aan voor mijn eerste training. Ik had weinig verwachtingen, maar het bleek een ramp te zijn. Mijn hartslag raakte niet hoger dan 150 bpm, wat in mijn schema stond voor ‘licht recuperatieloopje’, en dat terwijl ik het gevoel had dat ik te veel in het rood moest gaan. Toen iemand een dag later de goedbedoelde en niet geheel onterechte opmerking maakte dat ik ‘misschien wel te traag liep’ of ‘toch eens moest leren om diep te gaan’, was dat als een klik in mijn hoofd. Van mijn zelfvertrouwen schoot geen grammetje over. De weken nadien was elk excuus goed om niet te gaan lopen. Als ik het toch deed, hoorde ik letterlijk elke honderd meter een stem in mijn hoofd die zei dat ik het niét zou kunnen. Tot ik besloot om wél eens te luisteren naar de goede raad om een degelijke hartslagmeter aan te schaffen. En dat hielp. Alleen kwam het besef dat mijn hartslag tot dan verkeerd registreerde… pas een maand voor de start van de halve marathon.

19986152_108655656452114_7914146647892819968_nDus ik ging lopen op de piste. Dat lukte, maar na een ronde of vijf was het al wroeten. Ik vond niet echt mijn ritme en na een goeie week en vier trainingen had ik last van mijn schenen. Toen het eventjes heel druk werd en mijn vrouw haar werk kwijtspeelde, zag het er niet goed uit. Maar ik ging opnieuw en zei foert tegen mijn tijd. Ik liep meer dan twee minuten trager over een afstand van 4 kilometer, maar ik was niet kapot na afloop. Integendeel, ik had voor het eerst in forever echt deugd gehad van een loopje. En dat gaf hoop.

All or nothing, dacht ik, toen ik de week voor de halve marathon voor een generale repetitie ging. Het was wroeten, maar ik haalde mijn doel: 16 kilometer. Ik had voor het eerst in lange tijd weer vertrouwen getankt, maar of dat genoeg zou zijn om er nog eens vijf kilometer bij te doen én dat blessurevrij te overleven, dat was een groot vraagteken.

AMCM0890Amsterdam dus. Het werd een spannende start, omdat mijn broers op dat moment aan hun marathon bezig waren. Om eerlijk te zijn: ik had meer zenuwen voor hen dan voor mijn eigen start. Maar het feit dat ze samen over de meet kwamen, zorgde dat de dag al niet stuk kon. Dus ik begon eraan, traag maar enigszins zelfzeker. Goed eten en veel drinken was de regel. Dat lukte. Na kilometer vijf vreesde ik even voor mijn schenen, maar een paar kilometer verder zat ik in een flow. Maar lang hield ik het niet vol. Ik kan doseren op een parcours van 10 kilometer, maar ik ben duidelijk geen lange afstanden gewend. Dus regelmatig moest ik even stappen, meestal kort nadat ik mezelf voorbijliep door een sugarrush toen ik vitaminen tankte. Fysiek was het stevig, maar eenmaal over de helft en vooral bij de Mauritskade, op een boogscheut van Artis, wist ik het: ok, dit gaat hier lukken en was het genieten. Van het lopen langs het water, de zon en de muziek in mijn oren. Maar elke kilometer leek langer te duren en in het overigens prachtige Vondelpark kreeg ik toch twee keer een emotioneel klopke.

22429771_147594609312706_506083452550905856_n (1)Het was afzien, zeker de laatste kilometer. Ik was leeg, maar de laatste honderd meter moest alles kapot. Hier had ik keihard voor gewerkt, de afgelopen 2 uur en 52 minuten, dus trok ik een sprint en vlóóg ik over die finish, de armen ietwat theatraal de lucht in. Ik had er echt alles uitgeperst en het vat was echt op. Zelden een leegte gevoeld die zo’n voldaan gevoel gaf. Anneke had gelijk: wat er dan door je heen gaat, valt moeilijk te beschrijven. Alles aan mijn lijf tintelde en deed pijn. Maar fuck, maat. Het was het waard. Elke kilometer.

Mijn broers waren er niet meer bij, maar mijn vrouw wel. Dat trio dat ervoor gezorgd had dat ik er stond, heeft me over de finish gesleurd. Want mensen die tegen alle verwachtingen en soms tegen beter weten in, in je geloven, geven je vertrouwen. Als je dat haalt, dan verandert dat in zelfvertrouwen. En nog geen beetje.

Ik stapte nog wat door en stopte uitgeput halfweg dat vol stadium, terwijl Zayn door mijn oortjes kweelde:

But you’ll never be alone
I’ll be with you from dusk till dawn
I’ll be with you from dusk till dawn
Baby, I’m right here

Ik geloof niet echt in toeval, maar net op de plaats waar ik stopte en ging liggen, stond mijn vrouw op diezelfde hoogte in de tribune. En dat gaf onbewust heel veel hoop en later nog meer zelfvertrouwen, dat in alle pijn en uitputting en soms tegen alle regels in, alles toch kan kloppen. En dat als het maar een beetje goed zit in je hoofd, dat je veel kan, veel meer dan je lijf aangeeft. Ik kan het iedereen alleen maar aanraden. Zelfs al ben je een zero in het lopen, je kan op zijn minst wel een 21 K hero worden. Hell to the yeah!

Categorieën

Uitgetest

6 thoughts on “From zero to 21K hero Plaats een reactie

  1. Proficiat, wat een motiverend verhaal! Zelf behoor ik ook tot de club ‘loopaanmodderaars’, maar toch blijf ik telkens netjes mijn trainingen afwerken, of mijn hart nu uit mijn borstkas lijkt te bonzen of niet. Heel vaak is dat lage tempo en die hoge hartslag behoorlijk frustrerend, maar het effect van dat lopen op alles wat zich tussen je twee oren afspeelt en vice versa: dat is van onschatbare waarde, dáár doe ik het voor. En 21 kilometer? Oh well, misschien… ooit 🙂

  2. BOOM!!!! Keihard gegaan, and you f*cking did it! Verdomde trots zijn, vent! Echt! 😉
    En btw… niemand is een zero in het lopen. Je doet loopschoenen aan en je loopt. Traag of snel, 5 km of 21 km of ne marathon. Maakt geen hol uit, als ge maar loopt 😉

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: