Skip to content

Rust (bis)

Het was karma, op een positieve manier, weet ik nu na twee maanden. De schrik om stil te staan was enigszins terecht: het was bij momenten echt afkicken. Frustrerend en confronterend.

14726203_393777157678668_1922529530371637248_nRSV blijft over het algemeen vier tot zes weken hangen, zei de dokter, maar na die eerste maand was duidelijk dat ik nog lang niet uitgerust was. Het zou beteren, zei hij, zeker omdat de kinderen wat meer naar de opvang zouden gaan. Niets was minder waar: ze hadden allebei een lange lastige fase achter de rug, waren ziek geweest en ook ik viel ten prooi aan een korte maar erg krachtige buikgriep. Van rust was niet veel sprake, maar vreemd genoeg kwam toen ongeveer wel het besef, berusting bijna, dat ik nooit helemaal uitgerust zou zijn. Dat ik niet moest streven naar een uitgeslapen, sportieve en energieke versie van mezelf, of het toch meteen te verwachten. Nee, dan probeer ik mij maar beter aan te passen aan de situatie en mijn gezond verstand te gebruiken. Want ik durfde ook toegeven dat ik dat was kwijtgespeeld.

15276584_609455922572896_884851889626152960_nHet was karma, ja. Ik schaam me er niet voor om te zeggen dat als ze dat virus niet hadden gevonden dat ik vandaag wél was gesneuveld, as in zwaar gecrasht. Het grappige is dat de meesten meteen aan een burn-out dachten toen ik thuis was. Niet geheel onterecht overigens. De ene maakte daar geen punt van, vond het bijna normaal, terwijl de anderen achteraf eerder op hun hoede waren om mij aan te spreken. Heb ik nu een burn-out ontweken? Ja en nee. Het laatste half jaar had sowieso zijn tol geëist. Want was dit niet gebeurd, dan zou het in plaats van zes weken straks zes maanden geweest zijn. En ik weet dat ik moet uitkijken, dat ik ergens grenzen moét trekken of dat het verkeerd afloopt. Zeker nu, omdat ik voel dat ik het laatste jaar vooral uit mijn reserves heb geput en dat die compleet leeg zijn. Op zich is dat niet erg, erkenning is het halve werk. En ik wil ze weer opbouwen. Weer in het rood gaan heeft geen zin, tenzij op korte termijn. En uiteindelijk zal die termijn elke keer korter worden.

Alleen zo haal ik energie op. Energie die ik broodnodig heb, ook voor mijn gezondheid. Ik voel het nu al: vroeger liep ik geen twee weken met een hardnekkige verkoudheid zoals nu. Dat is opnieuw best frustrerend en confronterend. Maar de energie moét er komen, niet alleen voor mijn veeleisende job, maar vooral voor mijn gezin, die iets te vaak de dupe was en moest inbinden.

14726236_281077095622803_1234957578983702528_nIk heb immers veel zaken lange tijd vanzelfsprekend gevonden. Er is geen schande aan even stil staan. Mijn dokter, die als weinig anderen mijn situatie kende, had me vaker gewaarschuwd en zag nu zijn kans schoon om vergelijkingen te maken met een burn-out. Al moet ik eerlijkheidshalve zeggen dat ik zelf al genoeg linken had gemaakt. Volgens mij ontstaat zoiets eerder uit een samenloop van omstandigheden en valt er niet één iemand met de vinger te wijzen. Jezelf niet, je werkgever niet, niemand. Je moét niets, is het gemakkelijke antwoord, maar in onze maatschappij liggen de verwachtingen nog altijd belachelijk hoog en komt er heel wat schuld bij te kijken als je die niet haalt. De enige schuld die ik voelde de laatste tijd, was er vooral tegenover mijn gezin. Ik ben er weken, maanden, misschien jaren wel geweest voor hen, maar niet zoals het hoort te zijn of tenminste niet zoals ik het wilde. En het laatste wat ik wil is ooit te moeten terugkijken en vaststellen dat ik ergens gefaald heb als echtgenoot en vader.

15043909_1810044372543640_2972915987935920128_nEn wat meer is: de wereld blijft draaien. Het aantal collega’s die eens informeerden hoe het met me ging, kon ik op één hand tellen. Het merendeel keek niet eens op toen ik terugkeerde, ondanks de vele uren die je samen slijt om hetzelfde product te realiseren. En terwijl ik toch brutaal eerlijk ben: dat maakte me weinig uit. Ook voor hen ligt die spanningsboog hoog en zij hebben misschien wél de truc gevonden om het ook effectief te aanschouwen als hun job. Journalistiek is a way of life, zei onze nieuwe baas in ons eerste gesprek na mijn terugkeer. True that. Een scheiding tussen de twee zal er nooit helemaal kunnen zijn, al is het maar omdat je je passie en liefde voor zo’n vak ook thuis niet kan wegstoppen én dat er van daar uit veel begrip gevraagd wordt.

Een goede week nadat ik terug was, vertrok ik om iets na achten naar Brussel om er pas twee uur later aan te komen. Het was een leuke persconferentie met gemoedelijke babbels, maar ik zou pas om 15.30 uur weer aan mijn bureau zitten. Toen ik aan de rode lichten stond om de Brusselse ring op te rijden, brak de zon door en speelde deze plaat van Jonas Winterland op de radio. De titel is wat zwaarwichtig en de clip is wat voorspelbaar, maar de nochtans simpele tekst kwam helemaal binnen. Het wordt tijd om onze verwachtingen bij te schaven, dixit Dirk De Wachter. En gelijk heeft hij. Ik mag alleen maar hopen dat ik het zo blijf zien. En dat een ander het ook mag zien. Voor het te laat is en het slechte karma wordt.

 

Categorieën

Uncategorized

Een reactie op “Rust (bis) Plaats een reactie

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

w

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: