Spring naar inhoud

In de aap gelogeerd

pexels-photo-57690In de beginjaren van mijn job hoorde ik vaak al eens een sneer tegenover regionale journalistiek. Dat het geschreven cafépraat was, gemakkelijk of goedkoop, of erger: geen echte journalistiek. Ik ben helemaal onderaan de ladder begonnen en soms sta ik daar nog eens, maar erg vind ik dat allerminst. Ik heb al oude voorzitters voor de meest oubollige verenigingen geïnterviewd die pakken interessant waren dan mensen die met de regelmaat van de klok op televisie te zien zijn. In se gaat het altijd over hetzelfde: bij voorkeur met een originele invalshoek een boeiend verhaal vertellen over iemand interessants. Of ze nu met het oudercomité een rommelmarkt organiseren of een bedrijf als Studio 100 leiden… de basis blijft gelijk. En de belangrijkste les die ik altijd geleerd heb: je bent net zo goed als je laatste artikel. Bovendien wordt de lat elke keer weer hoger gelegd, waardoor ik soms stukken zie passeren die eigenlijk niet moeten onderdoen voor de zogeheten kwaliteitskranten. Maar iedereen daarin meekrijgen, is inderdaad niet simpel.

Voor mij persoonlijk gaat het niet alleen om het vertellen van het verhaal, maar ook om de lessen die je onbewust uit elk gesprek haalt, zelfs al is het maar een detail. Levenswijsheid zo u wil, het liefst van het soort dat je kan delen. Het brengt een soort rijkdom met zich mee dat je niet vindt op je bankrekening. Idealisme misschien. En uiteraard wil je gelezen worden, maar niet tegen elke prijs. Mijn kop hoeft niet bovenaan een stuk te blinken en ik betwijfel al twee jaar of er iemand eigenlijk wakker ligt van mijn column in de krant. Want de mensen mogen het nog een aangenaam stuk vinden om te lezen, een kwartier later liggen de patattenschillen er op. En online zijn ze je twee websites verder al compleet vergeten. Alles is zo relatief als het gedrukt staat.

Vroeg of laat zijn wij die platte schijterij beu.

Maar met één ding kan ik moeilijk overweg: clickbait. Suggestieve titels, foto’s die je op het verkeerde been zetten of opgeklopt nieuws dat eigenlijk geen is. Ik moet toegeven dat de lancering van Newsmonkey wel in een overtuigend kleedje gestoken werd en dat het niet onlogisch was dat zoveel mensen meestapten in het verhaal. Maar toen ik de website voor het eerst zag, dacht ik echt waar dat het een grap geweest was. Want ze zouden de online journalistiek nieuw leven inblazen. Wat verscheen was verre van nieuw leven, laat staan journalistiek. ’35 zaken die je voelde tijdens de finale van Thuis’, met daarbij onnozele commentaar en GIF’jes die je goesting gaven om kleine puppy’s dood te knuppelen… Ik kan er nog altijd niet bij dat de makers nog steeds het woord journalistiek laten vallen daarbij.

abo_sidebarEn natuurlijk levert dat clicks op. We zijn soms te nieuwsgierig en de verwachtingen die geschept worden in het opzicht van zo’n stuk worden nooit ingelost, waardoor er altijd een soort honger blijft bestaan naar het bericht ‘dat ook mijn leven zal veranderen’. Want we krijgen de valse belofte dat we antwoorden gaan krijgen. Ik zou daar een soort van existentiële zoektocht in kunnen verwerken, maar dat is voer voor psychologen, denk ik. Dat Newsmonkey even op zijn bakkes is gegaan, vond ik dan ook geen slechte zaak. Want clickbait is geen journalistiek. En het zal het ook nooit worden. Mag ik hopen. Het verschil inzake doelstelling én communicatie met Charlie Magazine kan niet groter zijn.

Maar het is onnozel om zien soms. Dan kom ik op een persconferentie van een nieuw tv-programma en zijn er mensen die niet eens kunnen doorvragen omdat ze maar half voorbereid zijn, terwijl ik daar sta als journalist voor een kleinere krant die een hele tijd gezocht heeft naar leuke vragen of insteken. En heel soms loont die aanpak wel: je haalt niet altijd een primeur, maar je hebt wel telkens een leuke babbel en dus ook een interessant interview. Een tijd geleden hadden acteurs van een van de meest bekeken series van de afgelopen jaren mij de volle vijftien minuten gegeven, terwijl drie andere grote namen het maar samen moesten doen in een minuut of tien. Dat streelt je ego, maar je koopt er niets mee, natuurlijk. Om dan nog maar te zwijgen over de primeurs die schaamteloos weggepikt worden zonder bronvermelding.

graffiti-door-closed-greeceEr zijn zoveel mensen die wél goed kunnen schrijven, die bloggen met passie bijvoorbeeld, maar die niet altijd opgemerkt worden. En ik mag hopen dat er toch een ommekeer gebeurt heel binnenkort. Dat goeie verhalen steeds belangrijker worden. Dat adverteerders kijken naar de inhoud, de ethiek van de krant, de passie van de schrijver en naar de kwaliteit van wat er verschijnt. Ik mag hopen dat ze zich niet laten verblinden door het aantal clicks dat gegenereerd wordt, want dat zegt twee keer niks. En dat daarop verder wordt ingezet.

Websites als Newsmonkey hoeven voor mij niet, net als dat non-nieuws op sites als Het Nieuwsblad, waarbij berichten van BV’s op sociale media opeens bestempeld worden als nieuws of waarvan de verhaallijnen van Thuis groter meegegeven worden dan de politieke problemen in pakweg Brazilië. Vroeg of laat zijn wij die platte schijterij beu. Willen we waar voor ons geld. En als mediabedrijven straks verwachten dat we (meer) betalen voor ons nieuws, willen we stukken met meerwaarde, niet doorsnee artikelen die vooral belangrijk ogen omdat ze er tussen al dat oeverloos gelul tussenuit springen.

Categorieën

Uncategorized

2 reacties op ‘In de aap gelogeerd Plaats een reactie

  1. Raak! En hoe nieuwsgierig ik soms ook ben door die clickbait titels, ik kan er steeds weer beter aan weerstaan om door te klikken! Ik denk (hoop) dat kwaliteit op lange termijn wel komt bovendrijven.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: